★ 4,7 · 65 reviews· Onafhankelijk financieel advies in 't Gooi[email protected]·035-203 19 66·WhatsApp
Zakelijk & vastgoed

Aansprakelijkheids­verzekering voor verhuurders van onroerend goed

Een losgeraakt gevelonderdeel, een lekkage die de vloer van je huurder ruïneert, een trap die het begeeft. Als verhuurder ben je daar vaak aansprakelijk voor, en je particuliere polis of gewone bedrijfspolis dekt dat niet vanzelf. Hier lees je wat een aansprakelijkheidsverzekering voor verhuurders wel en niet dekt, hoe het verzekerd bedrag werkt en welke voorwaarden je op je polisblad tegenkomt. Wij lopen het na op je eigen polisblad.

★ 4,7 uit 65 Google-reviews · AFM-vergunning 12046005 · aangesloten bij Kifid

Vaak wel, en daar hoeft geen verwijt aan vooraf te gaan.

Als verhuurder loop je twee soorten aansprakelijkheid tegelijk, en ze werken anders. Geen van beide is absoluut.

Tegenover derden
Artikel 6:174 BW: de bezitter van een gebrekkige opstal is aansprakelijk zodra het gevaar zich verwezenlijkt.
Tegenover je huurder
Het huurrecht in Boek 7 BW, met een eigen begrip van gebrek en een eigen route naar schadevergoeding.
Is het absoluut?
Nee. 6:174 kent een tenzij-clausule, en artikel 6:181 BW kan de aansprakelijkheid verleggen naar een bedrijfsmatige gebruiker.
Ben je verzekerd?
Niet vanzelf. Een particuliere polis sluit verhuur doorgaans uit en een gewone bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering is hier niet voor geschreven.

Een aansprakelijkheidsverzekering voor verhuurders dekt de schade die je verhuurde pand bij anderen veroorzaakt: een dakpan die iemand op straat raakt, letsel door een gebrekkige trap, waterschade bij de buren. Je particuliere aansprakelijkheidsverzekering dekt dat meestal niet, zeker niet als je een heel pand verhuurt. Hieronder staat eerst wat zo'n polis dekt en wat niet, hoe het verzekerd bedrag werkt, wat de premie bepaalt en welke voorwaarden je op je polisblad tegenkomt. Daarna volgt in het kort waarom je als verhuurder aansprakelijk kunt zijn zonder dat je iets fout hebt gedaan: de wet vraagt niet naar schuld, maar of het gebouw deugdelijk was.

Wij zijn adviseur en geen jurist. Wat hieronder staat is het kader plus wat er in polisvoorwaarden staat, zodat je weet welke vraag je moet stellen. Gaat het om een concreet geschil met een huurder, een buurman of een letselschadeclaim, leg dat dan voor aan een jurist of een advocaat. Bouvy Advies staat bij de AFM geregistreerd onder vergunningnummer 12046005 voor advies en bemiddeling in financiële producten.

Wat is verzekerd met een aansprakelijkheids­verzekering voor verhuurders?

Je aansprakelijkheid voor schade die een ander lijdt door je verhuurde pand: letsel en schade aan andermans eigendom. De verzekeraar beoordeelt of je terecht aansprakelijk wordt gehouden. Ben je dat, dan vergoedt hij de schade. Ben je het niet, dan voert hij namens jou verweer tegen de claim. Zo staat het in artikel 1.1 van de aanvullende voorwaarden Aansprakelijkheid Verhuur Onroerend Goed van De Goudse (documentcode 6G606-v2), een aparte verhuurmodule waar we op deze pagina steeds naar verwijzen.

Die module bestaat uit drie onderdelen (artikel 2.1):

  • Algemene aansprakelijkheid: schade van derden, zoals letsel door een losgeraakte dakpan of een gebrekkige trap.
  • Werkgeversaansprakelijkheid: je aansprakelijkheid als werkgever voor schade van je personeel door een arbeidsongeval of een beroepsziekte.
  • Milieuaansprakelijkheid: een beperkte dekking voor schade van derden door een milieuaantasting die onverwacht en plotseling is ontstaan, en niet door een langzaam werkend proces. Aantasting van de bodem en van het water valt erbuiten (artikel 2.1.3).

Met schade bedoelen de voorwaarden personenschade en zaakschade, met de schade die daaruit voortkomt. Verzekerd ben je als verzekeringnemer in de hoedanigheid die op je polisblad staat, en daarnaast onder meer je ondergeschikten en de bestuurders van je bedrijf zolang zij in die functie handelen (artikel 1.2). Bovenop de schade vergoedt de verzekeraar de kosten van verweer, van rechtsbijstand en van maatregelen om dreigende schade te voorkomen of te beperken (artikel 2.5.1).

De dekking geldt voor handelen of nalaten in Nederland. Gebouwen in het buitenland vallen er niet onder (artikel 1.3.1), dus een pand over de grens regel je apart.

Ligt die claim straks bij jou?

Drie vragen over je verhuurde pand. Je ziet meteen waar je staat, met de regel erbij. Er wordt niets opgeslagen of verstuurd.

Dekt mijn gewone aansprakelijkheids­verzekering een verhuurd pand?

Niet vanzelf, en dat geldt aan beide kanten. Een particuliere aansprakelijkheidsverzekering is geschreven op de woning waarin je zelf woont en sluit verhuur van het hele pand doorgaans uit. Een gewone bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering is geschreven op je bedrijfsuitoefening en niet op het exploiteren van vastgoed. Verzekeren is bovendien niet wettelijk verplicht.

Bij de particuliere polis staat het onomwonden in de voorwaarden. In de Voorwaarden verzekering Aansprakelijkheid VP AS 2022-01 van a.s.r. staat bij de basisdekking: "Let op: U bent niet verzekerd als u uw gehele woonhuis verhuurt. Hebt u Sterdekking meeverzekerd? Dan bent u verzekerd bij verhuur van uw gehele woonhuis." Er is dus een route, maar die loopt via een keuzedekking en niet via de basis. Wat de particuliere polis wél doet, staat op aansprakelijkheidsverzekering.

Bij de zakelijke polis zit de klem in de hoedanigheid. De polisvoorwaarden AVB.001.02 Aansprakelijkheid Bedrijven van Nationale-Nederlanden, met als datum 7 april 2020, breiden de dekking in artikel 2.1 uit naar aansprakelijkheid "als eigenaar van een gebouw op een van de in de polis omschreven vestigingsadres(sen); als verhuurder van een deel van een bedrijfsgebouw op een van de in de polis omschreven vestigingsadres(sen), maar alleen indien sprake is van verhuur voor particuliere bewoning". Lees dat twee keer. Het moet gaan om een adres dat in jouw polis als vestigingsadres staat, om een deel van een bedrijfsgebouw, en om verhuur voor particuliere bewoning. Een beleggingspand aan de andere kant van de stad past daar niet in.

Daarom bestaat er een aparte dekking voor.

Bron: De Goudse6G606-v2laatst gepubliceerde versie, drukcode jun2017

Aanvullende voorwaarden Aansprakelijkheid Verhuur Onroerend Goed, een losse module naast de gewone aansprakelijkheidsverzekering.

Let op de versie. De titel van dit document noemt versie 2.0, terwijl het document zelf versie 1.0 vermeldt. Kijk op je eigen polisblad welke versie op jou van toepassing is.

Wat er niet in zo'n module zit, staat in de volgende sectie. Dat het bij deze verzekeraar een losse module is, betekent niet dat dat bij elke verzekeraar zo is; dat verschilt per aanbieder en dat is een van de dingen die we voor je nakijken.

Liever even sparren?

Twijfel je of je goed zit?

Een half uur is meestal genoeg om te zien of er iets mist. Het gesprek is vrijblijvend en je hoeft niets over te sluiten.

Wat dekt een aansprakelijkheids­verzekering voor verhuurders niet?

In de voorwaarden die we naast elkaar legden, komen drie dingen terug: bouw- en onderhoudswerkzaamheden, de spullen van je huurder, en zaken die je onder je hebt. Dat zijn precies de situaties waarin een verhuurder aangesproken wordt. Alle drie staan met zoveel woorden in de aanvullende voorwaarden Aansprakelijkheid Verhuur Onroerend Goed van De Goudse (documentcode 6G606-v2, artikel 2.2.8, 2.2.9 en 2.2.1), en het derde ook in een bedrijfspolis van Nationale-Nederlanden.

Over de spullen van je huurder zegt artikel 2.2.9 van die voorwaarden: "Niet gedekt is de aansprakelijkheid voor schade aan particuliere inboedels, bedrijfsinventarissen, bedrijfsgereedschappen, handelsvoorraden en bedrijfszaken die zich in de verhuurde gebouwen bevinden." Dat is de uitsluiting die het hardst aankomt, want een lekkage raakt in de regel precies dat. Loopt de schade langs de route van artikel 7:208 BW, dan sta je met een aansprakelijkheidspolis die daar niet voor is geschreven.

Over verbouwen zegt artikel 2.2.8: "Niet gedekt is de aansprakelijkheid voor schade die verband houdt met de bouw, verbouw, sloop, renovatie en onderhoud van de verhuurde gebouwen." Daar staat wel een uitzondering achter voor licht werk door je eigen mensen: "Wij vergoeden wel de schade veroorzaakt door ondergeschikten tijdens lichte schoonmaakwerkzaamheden en/of 'lekenonderhoud' aan de verhuurde gebouwen." Ga je renoveren, dan is dat dus een apart gesprek en geen detail. Wat je tijdens een verbouwing wél nodig hebt, staat op bouwverzekering.

Het derde punt heet opzicht: schade aan zaken die je onder je hebt. In de polisvoorwaarden AVB100.0718 Aansprakelijkheid Bedrijven van Nationale-Nederlanden, met als datum 1 juli 2018, staat in artikel 3.2.1: "Wij dekken geen aanspraken op een vergoeding van schade aan zaken, die is veroorzaakt terwijl u, een andere verzekerde of iemand anders namens u of hem, deze zaken: a. vervoerde, bewerkte, behandelde, bewoonde, huurde, pachtte, leende, gebruikte of bewaarde". Huur je zelf een pand dat je doorverhuurt, dan raakt die uitsluiting je rechtstreeks.

Er is één uitzondering. De verhuurmodule van De Goudse kent in artikel 2.2.1 een terugkeer van dekking voor "schade aan zaken die u onder zich had én waarvoor een brandverzekeraar schade heeft vergoed en een aanspraak tegen u instelt", waarbij die brandverzekeraar aangesloten moet zijn bij de Bedrijfsregeling Brandregres (2014). De voorwaarden voegen daaraan toe: "Deze dekking geldt niet voor schade aan zaken die u huurt, least, pacht of in bewaarneming heeft." Kijk dus of dit op jouw polis staat.

Daarnaast staat in dezelfde voorwaarden een rij uitsluitingen die niet specifiek over verhuur gaan. Nooit gedekt is schade door molest, asbest of natuurgeweld (artikel 2.3.1), door opzet (artikel 2.3.2), door het bewust niet opvolgen van een overheidsvoorschrift met goedvinden van de leiding (artikel 2.3.4) en door vermogensdelicten zoals fraude of oplichting (artikel 2.3.5). Onder natuurgeweld verstaan de voorwaarden onder meer overstroming, aardbeving, instorting en aardverschuiving; voor de eigenaar van een gebouw is het de moeite waard om na te lezen hoe jouw verzekeraar dat begrip invult. Een schade die je vooraf contractueel op je hebt genomen, bijvoorbeeld met een vrijwaringsbeding, is alleen gedekt voor zover je zonder die afspraak ook aansprakelijk was geweest (artikel 2.2.3). En schade met een motorrijtuig valt eronder niet, want daarvoor bestaat een aparte verzekering (artikel 2.2.4).

Hoe hoog is het verzekerd bedrag?

Dat staat op je polisblad, en het is het eerste getal om na te kijken. Een letselclaim kun je zelden zelf betalen, en wat boven het verzekerd bedrag uitkomt, vergoedt de verzekeraar niet. Hoe het bedrag werkt, staat in de voorwaarden.

In de verhuurmodule van De Goudse geldt het bedrag per aanspraak, voor alle verzekerden samen en per verzekeringsjaar (artikel 2.4.1). Voor alle schade en kosten samen betaalt de verzekeraar per verzekeringsjaar maximaal twee keer het bedrag per aanspraak (artikel 2.4.2). Bij welk jaar een claim hoort, bepaalt de datum waarop de eerste melding binnenkomt. Valt een claim onder meer dan één onderdeel van de polis, dan geldt alleen het hoogste bedrag (artikel 2.4.3). De bedrijfspolis AVB100.0718 van Nationale-Nederlanden werkt ook met een bedrag per aanspraak en een bedrag per verzekeringsjaar, en ook daar telt de datum van de eerste schriftelijke melding (artikel 1.5.1 en 1.5.2).

Een paar posten komen er bovenop. De wettelijke rente over de schade betaalt De Goudse boven het verzekerd bedrag, tot maximaal dat bedrag (artikel 2.4.4). Ook de kosten van verweer en rechtsbijstand betaalt De Goudse boven het verzekerd bedrag, zonder eigen risico. Is de claim hoger dan het verzekerd bedrag, dan vergoedt hij die kosten naar verhouding (artikel 2.5.2).

Let ook op lagere bedragen voor bepaalde gevallen: de voorwaarden zeggen dat de verzekeraar die apart vermeldt (artikel 2.4.1). Een voorbeeld staat in artikel 2.2.1. Schade aan spullen van je eigen personeel, behalve motorrijtuigen, is gedekt tot € 50.000 per aanspraak en € 100.000 per verzekeringsjaar, met een eigen risico van 10% van de schade en minimaal € 100.

Wat bepaalt de premie?

Vooral wat je verhuurt en aan wie. Een verzekeraar ziet verhuur als een ander risico dan eigen bewoning, en het soort huurder kan meewegen in de premie en soms in de acceptatie. Geef dat bij de aanvraag dus volledig door. Wat het voor jouw pand kost, rekenen we voor je uit.

Hoe de premie tot stand komt, staat in de voorwaarden. Bij De Goudse wordt hij vastgesteld op gegevens die jij opgeeft: bij het afsluiten en daarna elk jaar rond de vervaldatum. Lever je die jaarlijkse opgave niet binnen vier weken aan, dan gaat de premie met 50% omhoog, en de verzekeraar kan een hoger percentage aanhouden als hij gegevens heeft die dat rechtvaardigen (artikel 4.3.1).

Ook de hoedanigheid telt. Verandert de activiteit waarvoor je verzekerd bent, dan meld je dat vooraf, of als dat niet kan uiterlijk binnen 14 dagen. De verzekeraar kan de verzekering daarna ongewijzigd voortzetten, de premie of de voorwaarden aanpassen, of de verzekering niet voortzetten. Meld je het niet of te laat en zou de wijziging tot een hogere premie hebben geleid, dan ben je alleen gedekt als je ook zonder die wijziging dekking had gehad (artikel 4.3.2).

Heb je meerdere panden of verzekeringen, dan scheelt bundelen. Sluit je meerdere verzekeringen bij ons af, dan is er soms een pakketkorting, en voor een vastgoedportefeuille zijn er pakketten waarin alle panden onder één polis en één prolongatiedatum vallen.

Welke clausules en voorwaarden kom je tegen?

Gelden er bijzondere voorwaarden voor jou, dan staan die op je polisblad. Daarnaast staan er in de voorwaarden zelf bepalingen die bij verhuur anders uitpakken dan je zou verwachten. Deze vier zijn de moeite van het nalezen waard.

De hoedanigheid op je polisblad. Je bent alleen gedekt als de claim direct verband houdt met de verzekerde hoedanigheid, en de omschrijving daarvan staat op het polisblad (De Goudse, artikel 1.3.2 onder a). Staat daar iets anders dan wat je werkelijk verhuurt, dan zit daar het gat. Dezelfde klem zag je hierboven bij de bedrijfspolis van Nationale-Nederlanden.

Voorrisico. De verhuurmodule van De Goudse dekt ook een handelen of nalaten tot drie jaar vóór het begin van de verzekering, mits je er bij het afsluiten niet van wist en een andere verzekering het niet dekt (artikel 1.3.3). Andere verzekeraars kunnen dat anders regelen, en dat is een van de dingen die we voor je nakijken.

Melden zolang de verzekering loopt. Een claim, of een omstandigheid die tot een claim kan leiden, meld je zo snel mogelijk, uiterlijk drie jaar nadat je ervan wist of kon weten, en in elk geval tijdens de looptijd van de verzekering (artikel 1.3.2 en 3.3.1). De verzekering eindigt ook als je je activiteiten beëindigt (artikel 4.2). Stop je met verhuren, meld dan vóór de einddatum wat je weet en vraag zo nodig om een verlenging van de meldingstermijn. De verzekeraar beoordeelt of dat kan en tegen welke premie (artikel 3.3.2 en 3.3.3).

Milieuschade door je huurder. Op de aansprakelijkheidspolis is milieuschade beperkt gedekt, zoals hierboven staat. Een milieuschadeverzekering is een aparte polis. In de Productvoorwaarden Milieuschade 2.0 van De Goudse (documentcode 5G031-v2) is verontreiniging door de activiteiten van je huurders uitgesloten (artikel 2.13), tenzij de dekking voor huurders op je polisblad staat.

Dan gelden twee bijzondere voorwaarden. Bij verhuur van woon-, kantoor- en winkelpanden is verontreiniging door de activiteiten van huurders wel gedekt. Bij verhuur van bedrijfsgebouwen alleen voor zover je de schade niet op de huurder kunt verhalen omdat die niet kan betalen, aangetoond met een faillissementsvonnis of een gehomologeerd akkoord. Eindigt een huurcontract, dan laat je binnen acht weken een verkennend bodemonderzoek volgens NEN 5740 doen en geef je de uitkomst binnen zes maanden door. Doe je dat niet, dan moet je bij een verontreiniging zelf aantonen dat die van de huurder komt, op eigen kosten.

Even meekijken?

Wil je weten wat dit voor jou betekent?

Leg je situatie aan ons voor, dan zeggen we waar je staat en wat er beter kan. Klopt alles, dan hoor je dat ook gewoon.

Ben ik als verhuurder aansprakelijk voor schade die mijn pand veroorzaakt?

Vaak wel, en daar hoeft geen verwijt aan vooraf te gaan. Artikel 6:174 van het Burgerlijk Wetboek legt de aansprakelijkheid voor een gebrekkig gebouw bij de bezitter, en bij gewone woningverhuur is dat de verhuurder. Absoluut is het niet: hetzelfde artikel kent een tenzij-clausule, en artikel 6:181 BW kan de aansprakelijkheid verleggen.

Het gaat om risicoaansprakelijkheid en niet om schuldaansprakelijkheid. De bezitter is aansprakelijk zodra het gevaar zich verwezenlijkt. Dat je van het gebrek niet wist, of dat je het onderhoud netjes had uitbesteed, is op zichzelf geen verweer. Dat is precies het punt waar verhuurders zich op verkijken, want ze toetsen hun eigen gedrag terwijl de rechter het gebouw toetst.

Opstal is daarbij ruimer dan wat je in het dagelijks taalgebruik een gebouw noemt: een balkon, een balustrade, een trap, de dakbedekking, een schutting en de leidingen in het pand vallen er allemaal onder.

Wat zegt artikel 6:174 BW letterlijk?

Lid 1 luidt: "De bezitter van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen, en daardoor gevaar voor personen of zaken oplevert, is, wanneer dit gevaar zich verwezenlijkt, aansprakelijk, tenzij aansprakelijkheid op grond van de vorige afdeling zou hebben ontbroken indien hij dit gevaar op het tijdstip van het ontstaan ervan zou hebben gekend."

Die tekst komt van wetten.overheid.nl, Burgerlijk Wetboek Boek 6, geldende versie van 16 juli 2026. Het woord tenzij aan het eind is de ontsnapping, en die is smal: denk aan overmacht. Het is een verweer dat je zelf moet voeren en onderbouwen.

Verhuur je aan een bedrijf, dan kan artikel 6:181 BW de aansprakelijkheid naar die huurder verleggen. Er is dan wel een functioneel verband nodig tussen het gebrek en wat die huurder in het pand doet. Een constructie- of onderhoudsgebrek dat daar losstaat, blijft bij jou liggen. De volledige wettekst van beide artikelen, de maatstaf van de Hoge Raad en een uitspraak over dakplaten van een verhuurde loods staan in ons artikel wanneer ben je als verhuurder aansprakelijk voor schade door je pand.

Ben ik ook aansprakelijk tegenover mijn eigen huurder?

Ja, maar via een andere route. Tegenover derden loopt het via artikel 6:174 BW, tegenover je huurder via het huurrecht in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Daar draait alles om het begrip gebrek: de artikelen 7:204, 7:206 en 7:208 BW bepalen wat een gebrek is, wie het moet verhelpen en wanneer je de schade moet vergoeden.

Wij geven die drie artikelen hier bewust in eigen woorden weer en citeren ze niet letterlijk. De wettekst staat op wetten.overheid.nl in Burgerlijk Wetboek Boek 7, en dat is de plek om hem na te lezen als het erop aankomt.

Artikel 7:204 BW bepaalt wanneer er sprake is van een gebrek. Kort gezegd gaat het om een staat of eigenschap van het gehuurde waardoor de huurder niet het genot krijgt dat hij bij het aangaan van de huurovereenkomst mocht verwachten van een goed onderhouden zaak van die soort. Omstandigheden die aan de huurder zelf zijn toe te rekenen, vallen daar niet onder. Het begrip is ruimer dan een bouwkundig mankement: ook iets dat het woongenot wegneemt kan een gebrek zijn.

Artikel 7:206 BW gaat over herstel. Op verlangen van de huurder moet de verhuurder gebreken verhelpen, tenzij dat onmogelijk is of uitgaven vraagt die redelijkerwijs niet van hem gevergd kunnen worden. Laat de verhuurder het na, dan mag de huurder het onder omstandigheden zelf laten uitvoeren en de kosten in mindering brengen op de huur. Daarom is een melding van je huurder geen vrijblijvend bericht.

Artikel 7:208 BW gaat over schadevergoeding. De verhuurder moet de door een gebrek veroorzaakte schade vergoeden als het gebrek aan hem is toe te rekenen, of als het er bij het aangaan van de huurovereenkomst al was en hij het toen kende of had behoren te kennen. Daarnaast kan een gebrek reden zijn voor huurvermindering, en dat is een aparte route met eigen regels.

Het verschil met artikel 6:174 BW zit in het aanknopingspunt. Tegenover een derde gaat het om de staat van het gebouw, tegenover je huurder om wat jij bij het sluiten van het contract wist of had moeten weten en om wat je daarna hebt gedaan met een melding. Een verhuurder die meldingen laat liggen, bouwt zijn eigen dossier tegen zich op.

Ben ik aansprakelijk voor een lekkage bij mijn huurder?

Dat hangt af van waar het lek vandaan komt en wat jij ermee hebt gedaan. Komt het voort uit een gebrek dat aan jou is toe te rekenen, of dat er bij het sluiten van het huurcontract al was en dat je kende of had moeten kennen, dan kom je op grond van artikel 7:208 BW in beeld.

In de praktijk lopen er drie vragen door elkaar. De eerste is of het lek een gebrek is in de zin van artikel 7:204 BW. De tweede is of jij het moet verhelpen, en dat is bij een lekkage in de constructie, de leidingen of het dak vrijwel altijd zo. De derde is of je ook de gevolgschade moet vergoeden, bijvoorbeeld een verpeste vloer of bedorven voorraad, en daarvoor geldt de toets van artikel 7:208 BW.

Een lekkage die de huurder zelf veroorzaakte, valt buiten het begrip gebrek. En een lek dat je maandenlang liet zitten nadat je huurder het meldde, staat er heel anders voor dan een leiding die vannacht is gesprongen. Leg meldingen daarom schriftelijk vast, met datum en met je reactie erbij.

Loopt de lekkage door naar de buren, dan speelt daarnaast het spoor van artikel 6:174 BW, want dan is er een derde die schade lijdt. Eén lek kan dus twee claims opleveren die langs verschillende wegen bij je binnenkomen, en dat is meteen de reden om te weten waar je verzekerd bent.

Wie is aansprakelijk als er een gevelonderdeel naar beneden valt?

Bij gewone woningverhuur de verhuurder, op grond van artikel 6:174 BW. Een gevelplaat, een dakpan of een balkonhek dat loslaat is het schoolvoorbeeld van een gebrekkige opstal: het gebouw voldoet niet aan de eisen die je eraan mag stellen en het gevaar heeft zich verwezenlijkt. Dat de huurder er woont, verandert daar tegenover een voorbijganger niets aan.

Verhuur je aan een bedrijf, dan is het antwoord minder eenduidig. Artikel 6:181 BW legt de aansprakelijkheid bij degene die de opstal in de uitoefening van een bedrijf gebruikt, maar alleen als de schade verband houdt met die bedrijfsuitoefening. Bij een gevel die door achterstallig onderhoud loslaat, ontbreekt dat verband meestal en blijft de claim bij de eigenaar.

Een onderhoudsclausule in je huurcontract helpt hier niet tegen. Zo'n afspraak regelt de verhouding tussen jou en je huurder en verandert niets aan wat een derde van jou kan vorderen. Je kunt daarna proberen te verhalen op je huurder, maar de claim komt eerst bij jou binnen en die moet je eerst betalen of laten betalen.

Wat doe je hier als verhuurder concreet mee?

Vier dingen, en ze kosten samen een middag. Controleer in welke hoedanigheid je verzekerd bent, niet alleen of je verzekerd bent. Leg vast wat je huurder meldt en wat je ermee doet. Laat de staat van gevel, dak, balkons en leidingen periodiek bekijken. En regel je dekking vóór de verhuur begint, niet erna.

Die hoedanigheid is het punt waar het meestal misgaat. Op een polisblad staat vaak alleen een productnaam, terwijl in de voorwaarden staat om welk adres, welk soort gebouw en welk soort verhuur het gaat. Leg je polisblad en je voorwaarden dus naast je huurcontract en je eigendomssituatie, en niet naast je gevoel.

Onderhoud en vastlegging werken op beide sporen tegelijk. Bij artikel 6:174 BW weegt de rechter mee welke onderhouds- en veiligheidsmaatregelen redelijkerwijs van je te vergen waren. Bij het huurrecht bepaalt het of een gebrek er bij het aangaan al was en of je het had behoren te kennen. Een inspectierapport is dus geen papier voor de la, en een mailtje met datum over een melding is later meer waard dan een herinnering aan een telefoongesprek.

De hoedanigheidscheck op je aansprakelijkheids­polis

De meeste verhuurders ontdekken pas bij een claim dat hun polis het verkeerde adres, het verkeerde soort gebouw of het verkeerde soort verhuur dekt.

  • Wij lezen op je polisblad en in je voorwaarden welke hoedanigheid er verzekerd is
  • Je hoort waar dat afwijkt van wat je werkelijk verhuurt, per pand
  • En wat er nodig is om het gat te dichten, met de premie erbij

Zit het goed, dan zeggen we dat. Dit is geen verkoopgesprek maar een controle, en je zit nergens aan vast.

Onafhankelijk, AFM-vergunning 12046005, aangesloten bij Kifid. 4,7 uit 65 Google-reviews.

Hoe wij dit voor je nakijken

Wij zijn een onafhankelijk kantoor in Naarden en zelf geen verzekeraar. Bij verhuurd vastgoed beginnen we bij de hoedanigheid: in welke rol ben je verzekerd, voor welk adres, en welk soort verhuur staat er in de voorwaarden. Daarna kijken we naar de uitsluitingen die er bij verhuur toe doen: opzicht, de spullen van je huurder, en bouw- of renovatiewerk.

Wat we opleveren is een overzicht van waar je dekking ophoudt, met het artikelnummer erbij, zodat je zelf kunt nalezen waarom. Geen advies om alles over te sluiten, maar de gaten die we vinden en wat ze zouden kosten om te dichten. Voor de juridische kant van een lopend geschil verwijzen we je door naar een jurist; dat is niet ons vak. Het eerste gesprek is vrijblijvend.

Nog een vraag?

Even je eigen situatie voorleggen?

Wij kijken mee en zeggen wat er in jouw geval speelt. Een half uur, vrijblijvend.

Wie is aansprakelijk als een huurder schade lijdt door achterstallig onderhoud?

In de regel de verhuurder. Tegenover je huurder loopt het niet via artikel 6:174 BW maar via het huurrecht, en daar draait het om het begrip gebrek. Is er een gebrek dat jij had moeten verhelpen en lijdt je huurder daardoor schade, dan kom je uit bij een schadevergoedingsplicht op grond van artikel 7:208 BW.

Achterstallig onderhoud is precies het geval waarin die twee sporen samenvallen. Valt er een gevelonderdeel op een geparkeerde auto, dan is dat 6:174 tegenover een derde. Lekt datzelfde dak de voorraad van je huurder kapot, dan is dat het huurrecht. Dezelfde oorzaak, twee routes, en je kunt ze allebei tegelijk aan je broek krijgen.

Twee dingen zijn hier stuurbaar. Je kunt een melding van je huurder niet laten liggen: artikel 7:206 BW verplicht je een gebrek te verhelpen als hij daarom vraagt, tenzij dat onmogelijk is of uitgaven vraagt die redelijkerwijs niet van je gevergd kunnen worden. En een onderhoudsclausule in het huurcontract regelt alleen de verhouding tussen jou en je huurder; wat een derde van jou kan vorderen verandert er niet door.

Wij zijn adviseur en geen jurist. Wat wij doen is nakijken of jouw polis deze hoedanigheid dekt, want een particuliere aansprakelijkheidsverzekering sluit verhuur doorgaans uit en een gewone bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering is hier niet voor geschreven. Gaat het om een lopend geschil, leg dat dan voor aan een jurist.

Veelgestelde vragen

Welke verzekeringen zijn verplicht voor een verhuurder? +
Voor het pand zelf geen. Een wettelijke verzekeringsplicht bestaat voor motorrijtuigen en voor luchtvaartuigen en drones, maar niet voor een verhuurd pand. Heb je een hypotheek op het pand, dan kan de geldverstrekker wel een opstalverzekering eisen: bij de verhuurhypotheek van BLG Wonen moet je de te verhuren woning verzekeren voor de herbouwwaarde. Een aansprakelijkheidsverzekering is niet verplicht, maar wel verstandig, omdat je als bezitter het risico draagt en je particuliere polis een verhuurd pand meestal niet dekt.
Is een aansprakelijkheidsverzekering nodig als verhuurder van onroerend goed? +
Verstandig wel, wettelijk verplicht niet. Als bezitter van de opstal ben je op grond van artikel 6:174 BW aansprakelijk zodra een gebrek aan het gebouw schade veroorzaakt, ook zonder dat je iets te verwijten valt. Je particuliere aansprakelijkheidsverzekering sluit verhuur van het hele pand doorgaans uit, en een letselclaim kun je zelden zelf betalen. Bij a.s.r. is er een uitzondering via de Keuzedekking Sterdekking, maar alleen voor het woonhuis waarin je zelf woont, niet voor een apart beleggingspand, en alleen bij verhuur aan één persoon of één gezin met een schriftelijke of digitale huurovereenkomst.
Is een aansprakelijkheidsverzekering voor huurders verplicht? +
Wettelijk niet. Een wettelijke verzekeringsplicht geldt onder meer voor motorrijtuigen. Wel kan een verhuurder in het huurcontract iets over verzekeren hebben opgenomen. Voor ondernemers geldt hetzelfde: verplicht is het niet, maar verhuurders vragen regelmatig om een aansprakelijkheidsverzekering. Wat een particuliere polis dekt, staat op aansprakelijkheidsverzekering.
Wat dekt een aansprakelijkheidsverzekering voor verhuurders niet? +
In de verhuurvoorwaarden van De Goudse raken drie uitsluitingen verhuurders direct: schade die verband houdt met bouw, verbouw, sloop, renovatie en onderhoud van de verhuurde gebouwen, schade aan de inboedel, inventaris en voorraad van je huurders in het pand, en schade aan zaken die je zelf onder je hebt. Zo staat het in de aanvullende voorwaarden Aansprakelijkheid Verhuur Onroerend Goed (artikel 2.2.8, 2.2.9 en 2.2.1). Daarnaast zijn onder meer molest, asbest, natuurgeweld, opzet en fraude nooit gedekt (artikel 2.3), en is milieuschade maar beperkt verzekerd (artikel 2.1.3).
Wie is aansprakelijk als een huurder schade lijdt door achterstallig onderhoud? +
In de regel de verhuurder. Tegenover je huurder loopt het via het huurrecht en niet via artikel 6:174 BW: is er een gebrek dat jij had moeten verhelpen en lijdt je huurder daardoor schade, dan kom je uit bij artikel 7:208 BW. Een onderhoudsclausule in het huurcontract verandert niets aan wat een derde van jou kan vorderen.
Ben ik als verhuurder aansprakelijk voor schade die mijn pand veroorzaakt? +
Vaak wel. Artikel 6:174 BW legt de aansprakelijkheid voor een gebrekkige opstal bij de bezitter, en bij gewone woningverhuur is dat de verhuurder en niet de huurder. Het is risicoaansprakelijkheid, dus een verwijt is niet nodig. Absoluut is het niet: hetzelfde artikel kent een tenzij-clausule en artikel 6:181 BW kan de aansprakelijkheid verleggen naar een bedrijfsmatige gebruiker.
Wat is opstalaansprakelijkheid precies? +
De aansprakelijkheid van de bezitter van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen en daardoor gevaar oplevert voor personen of zaken. Opstal is ruimer dan gebouw: het omvat werken die duurzaam met de grond zijn verenigd, dus ook een balkon, een trap en de leidingen in het pand.
Is de verhuurder aansprakelijk voor gevolgschade? +
Niet automatisch. Tegenover je huurder loopt het via het huurrecht: of je naast het gebrek zelf ook de gevolgschade moet vergoeden, bijvoorbeeld een verpeste vloer of bedorven voorraad, toets je aan artikel 7:208 BW. Een lekkage die de huurder zelf veroorzaakte valt buiten het begrip gebrek. En een lek dat je maandenlang liet zitten nadat je huurder het meldde, staat er heel anders voor dan een leiding die vannacht is gesprongen. Leg meldingen daarom schriftelijk vast.
Welke wetsartikelen gelden er tussen verhuurder en huurder bij een gebrek? +
De artikelen 7:204, 7:206 en 7:208 van het Burgerlijk Wetboek. Het eerste bepaalt wanneer er sprake is van een gebrek, het tweede verplicht de verhuurder om gebreken op verlangen van de huurder te verhelpen, en het derde regelt wanneer hij de schade door dat gebrek moet vergoeden. De letterlijke tekst staat op wetten.overheid.nl in Boek 7.
Wanneer is er sprake van een gebrek in de zin van artikel 7:204 BW? +
In eigen woorden: als het gehuurde door een staat of eigenschap de huurder niet het genot geeft dat hij bij het aangaan van de huurovereenkomst mocht verwachten van een goed onderhouden zaak van die soort. Omstandigheden die aan de huurder zelf zijn toe te rekenen vallen erbuiten. Lees de wettekst na op wetten.overheid.nl.
Moet ik als verhuurder een gebrek verhelpen als mijn huurder erom vraagt? +
In beginsel wel. Artikel 7:206 BW verplicht de verhuurder gebreken op verlangen van de huurder te verhelpen, tenzij dat onmogelijk is of uitgaven vraagt die redelijkerwijs niet van hem gevergd kunnen worden. Doet hij het niet, dan kan de huurder het onder omstandigheden zelf laten uitvoeren en de kosten verrekenen. Wij geven het artikel hier in eigen woorden weer.
Ben ik aansprakelijk voor lekkageschade bij mijn huurder? +
Dat kan. Artikel 7:208 BW verplicht de verhuurder de schade door een gebrek te vergoeden als het gebrek aan hem is toe te rekenen, of als het er bij het aangaan al was en hij het kende of had behoren te kennen. Een lek dat de huurder zelf veroorzaakte valt daarbuiten. Bij schade bij de buren speelt artikel 6:174 BW.
Verschuift de aansprakelijkheid naar mijn huurder als daar een bedrijf in zit? +
Alleen als het gebrek samenhangt met wat die huurder er doet. Artikel 6:181 BW legt de aansprakelijkheid bij degene die het pand in de uitoefening van een bedrijf gebruikt, maar alleen bij een functioneel verband met die bedrijfsuitoefening. Een constructie- of onderhoudsgebrek dat daar losstaat, blijft bij de eigenaar. Verhuur aan een bedrijf helpt je er dus niet vanzelf vanaf.
Dekt mijn particuliere aansprakelijkheidsverzekering een verhuurd pand? +
Doorgaans niet. In de Voorwaarden verzekering Aansprakelijkheid VP AS 2022-01 van a.s.r. staat bij de basisdekking: "Let op: U bent niet verzekerd als u uw gehele woonhuis verhuurt. Hebt u Sterdekking meeverzekerd? Dan bent u verzekerd bij verhuur van uw gehele woonhuis." Er is dus een route, maar die loopt via een keuzedekking. Andere verzekeraars regelen dit anders.
Is een gewone bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering genoeg als ik vastgoed verhuur? +
Meestal niet. De polisvoorwaarden AVB.001.02 Aansprakelijkheid Bedrijven van Nationale-Nederlanden breiden de dekking in artikel 2.1 uit naar aansprakelijkheid als eigenaar van een gebouw op een in de polis omschreven vestigingsadres, en als verhuurder van een deel van een bedrijfsgebouw op zo'n adres, maar alleen bij verhuur voor particuliere bewoning. Een los beleggingspand past daar niet in.
Zijn de spullen van mijn huurder meeverzekerd op mijn aansprakelijkheidsdekking? +
Vaak juist niet. In de aanvullende voorwaarden Aansprakelijkheid Verhuur Onroerend Goed van De Goudse staat in artikel 2.2.9 dat de aansprakelijkheid voor schade aan particuliere inboedels, bedrijfsinventarissen, bedrijfsgereedschappen, handelsvoorraden en bedrijfszaken in de verhuurde gebouwen niet is gedekt. Juist bij een lekkage is dat de post die geraakt wordt, dus controleer dit op je eigen polis.

De juridische uitwerking van artikel 6:174 en 6:181 BW staat in ons artikel wanneer ben je als verhuurder aansprakelijk voor schade door je pand. Welke polissen je als verhuurder verder nodig hebt, staat op verzekeringen voor verhuurd onroerend goed, het pand zelf op gebouwenverzekering en de verdeling tussen te laag en te hoog verzekerd op onderverzekering. Zit je pand in een Vereniging van Eigenaars, kijk dan bij VvE-verzekering. Zit het vastgoed in een bv, dan denken we breder mee vanuit financieel advies voor DGA's met vastgoed, en de financieringskant staat op verhuurhypotheek.

Weet je in welke hoedanigheid je verzekerd bent?

Stuur ons je polisblad en de voorwaarden. Wij zoeken op welk adres, welk soort gebouw en welk soort verhuur er gedekt is, en waar dat afwijkt van wat je werkelijk verhuurt.

Hoort hierbij

Wat er bij een pand nog meer speelt

Een pand komt zelden alleen. Dit zijn de onderwerpen die er in de praktijk het vaakst naast liggen.

Storm en het eigen risico

Storm begint bij windkracht 7, en er geldt bijna altijd een apart eigen risico per gebeurtenis. Lees verder →

Tijdens een verbouwing

Tussen sloop en oplevering ligt het risico anders dan daarna, en dat gat vult een CAR-polis. Lees verder →

Een pand voor je eigen zaak

De bank financiert doorgaans een lager percentage dan bij een woning, dus je legt meer zelf in. Lees verder →

Het geheel, van de opstalpolis tot de financiering, staat op de pagina over vastgoed verzekeren en financieren →