VvE-verzekering: wat de opstalpolis van de VvE wel en niet dekt
Zit je appartement in een Vereniging van Eigenaars, dan verzekert de VvE het gebouw en verzeker jij de rest. Die grens is scherper dan de meeste eigenaren denken, en bij verhuur schuift hij nog een keer. Wij lopen het splitsingsreglement en het polisblad van de VvE naast je eigen dekking door.
Kort: een VvE verzekert het gebouw, jij verzekert je inboedel, je eigenaarsbelang en je aansprakelijkheid. Die verdeling staat niet in de wet zelf: artikel 5:112 lid 1 sub d BW eist dat het reglement bepaalt door wiens zorg en tegen welke gevaren het gebouw wordt verzekerd. Verhuur je je appartement, dan verandert er aan de VvE-polis niets, maar wel aan jouw kant: je eigen aanpassingen, je huurinkomsten en je aansprakelijkheid als verhuurder lopen niet via de vereniging. Melden dat je verhuurt is bij je eigen verzekeraar een verplichting, geen beleefdheid. Voor het pand zelf en de herbouwwaarde staat de uitleg op gebouwenverzekering.
Een appartement kopen om te verhuren voelt eenvoudiger dan een heel pand kopen. Het onderhoud is geregeld, het gebouw is verzekerd en er is een bestuur dat het bijhoudt. Precies daardoor kijkt bijna niemand naar de vraag wat die collectieve polis nu eigenlijk voor jou doet. Hieronder staat wat de wet regelt, wat het reglement regelt, en welke drie gaten er overblijven zodra er een huurder in zit.
Is een VvE verplicht om het gebouw te verzekeren?
De wet legt die plicht niet rechtstreeks bij de vereniging, maar bij het reglement. Artikel 5:112 lid 1 sub d BW eist dat het reglement vastlegt door wiens zorg en tegen welke gevaren het gebouw ten behoeve van de gezamenlijke appartementseigenaars moet worden verzekerd. In de praktijk verzekert de VvE daardoor vrijwel altijd het hele gebouw.
Dat onderscheid is meer dan juridische haarkloverij. Het betekent dat het antwoord op de vraag "wat is verzekerd" niet in een wetsartikel staat maar in jouw splitsingsakte en het daarin aangewezen modelreglement. Twee appartementen in dezelfde straat kunnen dus een verschillende grens hebben tussen wat de VvE draagt en wat de eigenaar draagt. Vraag daarom altijd de akte op, en niet alleen het polisblad. De wetsartikelen die we hierna noemen geven we in eigen woorden weer; de letterlijke tekst staat op wetten.overheid.nl en voor jouw situatie is de splitsingsakte leidend.
Wordt vaak verward met een ander artikel. Artikel 5:126 BW gaat niet over verzekeren maar over beheer: de vereniging voert het beheer over de gemeenschap en houdt een reservefonds in stand ter bestrijding van andere dan de gewone jaarlijkse kosten. Voor een gebouw dat voor bewoning is bestemd noemt lid 2 twee maatstaven voor de jaarlijkse reservering: het bedrag uit een meerjarenonderhoudsplan van ten hoogste vijf jaar oud, of ten minste 0,5 procent van de herbouwwaarde van het gebouw. Die herbouwwaarde komt zo terug bij de opstalpolis.
Artikel 5:136 lid 1 BW wijst tenslotte aan wie namens iedereen optreedt: degene die krachtens het reglement verplicht is het gebouw te doen verzekeren, vertegenwoordigt de gezamenlijke appartementseigenaars bij de uitoefening van de rechten uit de verzekeringsovereenkomst en beheert de ontvangen verzekeringspenningen. Jij claimt bij een gebouwschade dus niet zelf, de vereniging doet dat.
Wat verzekert de VvE dan precies?
De VvE verzekert het gebouw ten behoeve van alle appartementseigenaars samen. Bij schade gaat het geld eerst naar herstel: zodra tot herstel is besloten, worden de verzekeringspenningen daarvoor aangewend (artikel 5:136 lid 2 BW). Uitkeren aan een individuele eigenaar gebeurt volgens lid 4 in een beperkt aantal gevallen.
Het gaat om de volgende situaties: er blijft na herstel een overschot over, de vergadering van eigenaars heeft besloten van herstel af te zien en er zijn daarna drie maanden verstreken, of de splitsing wordt opgeheven. Buiten die situaties krijg je als eigenaar in beginsel geen bedrag op je rekening waarmee je zelf iets kunt regelen. Herstel van schade aan de gedeelten die bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, gebeurt volgens lid 3 zoveel mogelijk volgens de aanwijzingen van de eigenaren die het aangaat.
Van dit alles kan in het reglement worden afgeweken (artikel 5:136 lid 5 BW). Ook hier geldt dus: de akte is leidend, niet de aanname. Wat de VvE-polis inhoudelijk dekt aan gebeurtenissen, welk eigen risico er geldt en op welk bedrag het gebouw staat, lees je alleen op het polisblad en in de voorwaarden van die verzekering.
Wat dekt de opstalverzekering van de VvE niet als je je appartement verhuurt?
De VvE-polis verzekert het gebouw, niet jouw positie als verhuurder. Buiten de dekking blijven daarom: de inboedel in het appartement, jouw eigen aanpassingen voor zover die niet voor rekening van de VvE komen, het verlies van huurinkomsten en jouw aansprakelijkheid tegenover de huurder en tegenover derden. Verhuur verandert niets aan de VvE-polis en alles aan wat jij zelf nodig hebt.
Het eerste gat is de inboedel. Verhuur je gemeubileerd, dan zijn de bank, het bed en de apparatuur jouw eigendom en horen ze op een polis van jou. Verhuur je kaal, dan is de inboedel van de huurder, en die verzekert dat zelf. Het valt in geen van beide gevallen onder het gebouw.
Het tweede gat is je eigenaarsbelang: de keuken, de badkamer, de vloer en de aanbouwsels die jij in je privégedeelte hebt laten aanbrengen. Daar gaat de volgende sectie over, want dat gat is het lastigste van de drie.
Het derde gat is huurderving. Brandt het gebouw en is je appartement maandenlang onbewoonbaar, dan loopt de huur niet door terwijl je hypotheeklasten dat wel doen. Of huurderving is meeverzekerd verschilt per polis en staat op het polisblad, dus behandel het als iets om na te vragen en niet als iets dat er standaard in zit. Voor eigenaren met meerdere objecten schrijven we daarover apart op verzekeringen voor verhuurd onroerend goed.
Wat is eigenaarsbelang, en waarom valt het zo vaak tussen twee polissen?
Eigenaarsbelang is alles wat jij als appartementseigenaar nagelvast in je eigen gedeelte hebt laten aanbrengen: een nieuwe keuken, een badkamer, een gietvloer, vaste kasten, een airco. Het zit vast aan het gebouw, dus het is geen inboedel. Het is niet gemeenschappelijk, dus het valt niet vanzelf onder de polis van de VvE.
Verzekeraars schrijven die grens ook zo op. In de polisvoorwaarden Inboedel Basis PP 2300-10 van Nationale-Nederlanden staat in artikel 3.2.11: "Ook vergoeden wij geen schade aan het eigenaarsbelang die verzekerd is via de Vereniging van Eigenaars (VVE) óf die op grond van een koopakte of reglement van de VVE voor rekening van de VVE komt." Dezelfde bepaling staat in de All-in-variant PP 2400-10 onder artikel 3.2.17.
De keerzijde staat in diezelfde All-in-voorwaarden, artikel 2.1: "Daarnaast dekken we je eventuele huurdersbelang of eigenaarsbelang. Dit valt onder de verzekerde som. We dekken het huurdersbelang of eigenaarsbelang niet als dit al elders is verzekerd." Twee dingen volgen daaruit. Eerst: de inboedelpolis kan het eigenaarsbelang dragen, maar binnen hetzelfde verzekerde bedrag als je spullen, dus een dure keuken eet je inboedelbedrag op. En tweede: precies daar waar het reglement zegt dat de VvE iets draagt, houdt jouw polis op, en waar het reglement zwijgt, houdt de VvE-polis op. Wie geen van beide leest, ontdekt het gat pas bij de schade.
De vergelijkbare situatie bij een huurder in een bedrijfspand heet huurdersbelang. Die werkt hetzelfde en staat uitgelegd op huurdersbelangverzekering.
Wat gebeurt er met de aanpassingen die je zelf hebt gedaan?
Je mag ze aanbrengen, maar je moet ze melden. Artikel 5:119 lid 1 BW zegt dat een appartementseigenaar zonder toestemming veranderingen mag aanbrengen in zijn eigen gedeelte, mits die geen nadeel aan een ander gedeelte toebrengen. Lid 2 legt daarnaast een plicht op: hij is verplicht de vereniging onverwijld van een verandering kennis te geven.
Diezelfde bepaling regelt ook wie de rekening krijgt. Leidt de verandering tot een wijziging van de verzekeringspremie, dan komt het verschil voor rekening van hem en zijn rechtsopvolgers. Een aanbouw of een zware installatie die de premie van de collectieve polis omhoog duwt, betaal jij dus, en na verkoop de volgende eigenaar.
De scherpste reden om te melden staat ergens anders. Bij de verdeling van de verzekeringspenningen na herstel wordt de waardeverhouding tussen de appartementsrechten aangehouden zoals die was, en daarbij mag volgens artikel 5:136 lid 2 BW geen rekening worden gehouden met veranderingen die een eigenaar in zijn eigen gedeelte heeft aangebracht, tenzij hij daarvan tijdig aan de vereniging kennis had gegeven. Melden is dus geen formaliteit: het bepaalt of je investering meetelt.
Ben je als verhuurder aansprakelijk, en loopt dat via de VvE?
Je aansprakelijkheid als verhuurder loopt in de regel niet via de VvE-polis. Er zijn twee sporen. Tegenover derden geldt artikel 6:174 BW: de bezitter van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen en daardoor gevaar voor personen of zaken oplevert, is aansprakelijk wanneer dat gevaar zich verwezenlijkt. Dat is geen automatisme, want hetzelfde artikel kent een tenzij-clausule. Tegenover je huurder geldt het huurrecht.
Dat huurrecht is artikel 7:208 BW. De verhuurder is verplicht de door een gebrek veroorzaakte schade te vergoeden als het gebrek na het aangaan van de overeenkomst is ontstaan en aan hem is toe te rekenen, of als het gebrek er bij het aangaan al was en hij het kende of had behoren te kennen. Een gebrek is volgens artikel 7:204 lid 2 BW een staat of eigenschap waardoor de huurder niet het genot krijgt dat hij van een goed onderhouden zaak mocht verwachten. Van deze artikelen kan volgens artikel 7:209 BW niet ten nadele van de huurder worden afgeweken voor gebreken die de verhuurder bij het aangaan kende of had behoren te kennen.
Nuance bij de VvE. Een aansprakelijkheidsverzekering van een vereniging kan de leden meeverzekeren: in de voorwaarden VW AVB 547-04 van Nationale-Nederlanden, een polismantel zonder versiedatum in de kop, staan onder artikel 1.4 als verzekerde genoemd de bestuursleden van de vereniging en "leden van de Vereniging van Eigenaren als eigenaar van een appartementsrecht". Dat is aansprakelijkheid in de hoedanigheid van appartementseigenaar. Het is niet hetzelfde als de verplichtingen die jij in een huurovereenkomst op je neemt, en het staat ook niet in elke polis. Controleer het dus per polis in plaats van erop te rekenen.
Hoe die aansprakelijkheid in de praktijk uitpakt bij een lekkage of een losgeraakt gevelonderdeel, staat uitgewerkt in ons artikel wanneer ben je als verhuurder aansprakelijk voor schade door je pand.
Moet je het bij je eigen verzekeraar melden als je gaat verhuren?
Ja. Verhuur is een risicowijziging en die moet je doorgeven. In de inboedelvoorwaarden van Nationale-Nederlanden staat het zo: wijzigingen voor je woning of inboedel moet je zo snel mogelijk doorgeven, in ieder geval binnen twee maanden, en eerder als je er eerder van op de hoogte bent. Zakelijke voorwaarden kennen dezelfde plicht.
Bij de zakelijke variant is de opsomming concreter. In de huurdersbelangvoorwaarden van dezelfde verzekeraar (HUU.001.02, 2023) noemt artikel 7.2.1 als te melden wijzigingen onder meer een wijziging van bestemming, bouwaard of dakbedekking van het gebouw, en het feit dat het gebouw geheel of grotendeels leeg komt te staan of langer dan twee aaneengesloten maanden buiten gebruik is. Leegstand staat daar dus letterlijk in. Verhuur wordt in die opsomming niet apart genoemd: of je het moet melden, hangt ervan af of het in jouw geval een wijziging van bestemming oplevert. Vraag dat na in plaats van het aan te nemen.
Let ook op het verschil tussen tijdelijke en structurele verhuur. De inboedelvoorwaarden All-in PP 2400-10 dekken schade aan je inboedel tijdens tijdelijke verhuur alleen onder voorwaarden, waaronder verhuur aan maximaal twee huurders tegelijk en een beperkt aantal maanden per verzekeringsjaar. Een appartement dat je permanent verhuurt is dus een ander product en geen variant op je gewone woonverzekering. Vraag bij twijfel na wat er op jouw polisblad staat voordat de huurder erin trekt, niet erna.
Wat controleer je op het polisblad van de VvE?
Vier dingen. Op welk bedrag staat het gebouw verzekerd en op welke grondslag. Loopt er een indexering mee. Welke gebeurtenissen en welk eigen risico gelden er. En vooral: welk modelreglement is van toepassing, want dat bepaalt waar de grens ligt tussen wat de VvE draagt en wat jij zelf draagt.
Het verzekerde bedrag is het punt waar het geld zit. Staat het gebouw te laag verzekerd, dan werkt dat door naar alle eigenaren tegelijk, want een verzekeraar keert bij onderverzekering naar verhouding uit. Hoe dat rekenen precies gaat en waarom het ook bij kleine schades meespeelt, staat op onderverzekering. De herbouwwaarde van het gebouw zelf leggen we uit op gebouwenverzekering.
Vraag daarnaast om de laatste jaarstukken en het meerjarenonderhoudsplan. Die zeggen iets over de vraag of het gebouw daadwerkelijk op een actuele herbouwwaarde staat, en of de reservering aansluit bij de maatstaven van artikel 5:126 lid 2 BW. Een VvE die haar eigen herbouwwaarde niet kent, heeft die vrijwel zeker ook niet op de polis staan.
Wat als de VvE slapend is?
Een slapende VvE is nog steeds een VvE. De vereniging ontstaat van rechtswege bij de splitsing en iedere appartementseigenaar is van rechtswege lid. De verplichtingen uit artikel 5:126 BW blijven dus gewoon gelden: beheer voeren en een reservefonds in stand houden. Slapend betekent alleen dat er niemand is die het doet.
Voor de verzekering is dat een reëel risico. Is er geen actief bestuur, dan is er ook niemand die de premie betaalt, het verzekerde bedrag bijhoudt, de wijziging in gebruik doorgeeft of na een schade de claim indient. En omdat artikel 5:136 lid 1 BW de claimrechten juist bij degene legt die krachtens het reglement moet verzekeren, kun je dat als individuele eigenaar niet zomaar overnemen.
Koop je een appartement om te verhuren, maak dan van de staat van de VvE een aankoopvraag. Bestaat de vereniging feitelijk, is er een polis, wie is verzekeringnemer en wanneer is het verzekerde bedrag voor het laatst herzien. Dat kost een halfuur en het voorkomt de situatie waarin drie eigenaren na een brand naar elkaar staan te kijken.
Hoe wij een VvE-situatie beoordelen
Wij zijn een onafhankelijk kantoor in Naarden en verkopen zelf geen polis. Bij een appartement dat je verhuurt beginnen we bij het splitsingsreglement en het polisblad van de VvE, en pas daarna bij jouw eigen dekking. Zo zie je waar de grens ligt voordat je een tweede polis afsluit voor iets dat al verzekerd is.
Daarna lopen we vaste punten na: staat het gebouw op een actuele herbouwwaarde, is jouw eigenaarsbelang ergens ondergebracht en binnen welk bedrag, is de verhuur gemeld, hoe is huurderving geregeld, en waar landt je aansprakelijkheid als verhuurder. Heb je meer dan een object, dan kijken we er meteen als portefeuille naar in plaats van polis voor polis. Het eerste gesprek is gratis en vrijblijvend.
Veelgestelde vragen
Is een VvE wettelijk verplicht het gebouw te verzekeren? +
De plicht staat niet rechtstreeks in de wet maar loopt via het reglement. Artikel 5:112 lid 1 sub d BW eist dat het reglement bepaalt door wiens zorg en tegen welke gevaren het gebouw ten behoeve van de gezamenlijke appartementseigenaars moet worden verzekerd. In de praktijk verzekert de VvE daardoor het hele gebouw. De akte bepaalt het detail.
Staat de verzekeringsplicht van de VvE in artikel 5:126 BW? +
Nee, dat artikel gaat over iets anders. Artikel 5:126 BW regelt dat de vereniging het beheer over de gemeenschap voert en een reservefonds in stand houdt. Lid 2 noemt voor woongebouwen twee maatstaven voor de jaarlijkse reservering: het bedrag uit een meerjarenonderhoudsplan van hoogstens vijf jaar oud, of ten minste 0,5 procent van de herbouwwaarde.
Wat dekt de VvE-polis niet als ik mijn appartement verhuur? +
Vier dingen blijven bij jou. De inboedel in het appartement, je eigenaarsbelang voor zover dat niet voor rekening van de VvE komt, het verlies van huurinkomsten na een schade, en je aansprakelijkheid tegenover de huurder en tegenover derden. De VvE-polis verzekert het gebouw, niet je positie als verhuurder.
Wat is eigenaarsbelang precies? +
Alles wat jij nagelvast in je eigen gedeelte hebt laten aanbrengen: keuken, badkamer, vloer, vaste kasten, een airco. Het zit vast aan het gebouw, dus het is geen inboedel, en het is niet gemeenschappelijk, dus het valt niet vanzelf onder de VvE-polis. Waar de grens ligt, bepaalt het splitsingsreglement.
Valt eigenaarsbelang onder mijn inboedelverzekering? +
Dat kan, maar met twee beperkingen. In de voorwaarden Inboedel All-in PP 2400-10 van Nationale-Nederlanden staat dat huurdersbelang en eigenaarsbelang zijn meeverzekerd binnen dezelfde verzekerde som, en niet als het al elders is verzekerd. Wat via de VvE verzekerd is of voor rekening van de VvE komt, is bovendien uitgesloten. Andere verzekeraars regelen dit anders.
Moet ik een verbouwing in mijn appartement melden bij de VvE? +
Ja. Artikel 5:119 lid 2 BW verplicht je de vereniging onverwijld van een verandering kennis te geven, en een premieverhoging die daaruit volgt komt voor jouw rekening. Belangrijker nog: bij de verdeling van verzekeringsgeld na herstel telt een verandering volgens artikel 5:136 lid 2 BW alleen mee als je die tijdig hebt gemeld.
Wie claimt er bij een schade aan het gebouw? +
Degene die krachtens het reglement verplicht is het gebouw te verzekeren. Artikel 5:136 lid 1 BW bepaalt dat die persoon de gezamenlijke appartementseigenaars vertegenwoordigt bij de rechten uit de verzekeringsovereenkomst en het beheer voert over de ontvangen verzekeringspenningen. Als individuele eigenaar dien je zo'n claim dus niet zelf in.
Krijg ik het verzekeringsgeld op mijn eigen rekening? +
Meestal niet. Zodra tot herstel is besloten gaat het geld naar dat herstel (artikel 5:136 lid 2 BW). Uitkering aan een individuele eigenaar gebeurt volgens lid 4 bij een overschot na herstel, drie maanden nadat de vergadering besloot van herstel af te zien, of bij opheffing van de splitsing. Het reglement kan hiervan afwijken.
Ben ik als verhuurder aansprakelijk voor een lekkage bij mijn huurder? +
Dat kan. Artikel 7:208 BW verplicht de verhuurder de door een gebrek veroorzaakte schade te vergoeden als het gebrek na het sluiten van de huurovereenkomst is ontstaan en aan hem toe te rekenen is, of als het er al was en hij het kende of had behoren te kennen. Tegenover derden speelt daarnaast artikel 6:174 BW.
Moet ik mijn verzekeraar vertellen dat ik verhuur? +
Ja, verhuur is een risicowijziging. De inboedelvoorwaarden van Nationale-Nederlanden vragen wijzigingen zo snel mogelijk door te geven en in ieder geval binnen twee maanden. In de zakelijke huurdersbelangvoorwaarden HUU.001.02 noemt artikel 7.2.1 onder meer een wijziging van bestemming en leegstand langer dan twee maanden; verhuur staat er niet apart bij. Meld je het niet, dan riskeer je je dekking.
Is huurderving meeverzekerd via de VvE? +
Niet automatisch. De VvE-polis verzekert het gebouw en niet jouw huurinkomsten. Of huurderving ergens is meeverzekerd staat op het polisblad van de betreffende verzekering, en dat verschilt per polis. Verhuur je meerdere objecten, dan is dit een van de eerste punten die we nakijken.
Wat doe ik als de VvE slapend is? +
De vereniging bestaat dan nog steeds en de verplichtingen uit artikel 5:126 BW blijven gelden, alleen voert niemand ze uit. Praktisch risico: geen premiebetaling, geen actueel verzekerd bedrag en niemand die na een schade claimt. Maak de staat van de VvE daarom een aankoopvraag en niet een verrassing achteraf.
Gaat het om een heel pand in plaats van een appartement, kijk dan bij gebouwenverzekering. Verhuur je meerdere objecten, dan staat de portefeuillekant op verzekeringen voor verhuurd onroerend goed en de financieringskant op verhuurhypotheek. Zit het vastgoed in een bv, dan denken we breder mee vanuit financieel advies voor DGA's met vastgoed.
Weet je wat de VvE voor jou verzekert?
Stuur ons het polisblad van de VvE en je splitsingsreglement. Wij leggen ze naast je eigen dekking en laten zien welk gat er overblijft nu je verhuurt.